Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L T S P E L. 93

De Dame die ik nog eens trouw, Jbetja, zeer mooi zyn, maar niets weeten dan van kleeden, [ Coëffeeren, van de mode; ik kom daar maar voor uit!

Neen geen favante wordt myn' bruid,

Hiertoe ben ik nooit te overreden.

DE GRAAVIN.

I 6 'k Zie bet al, gy mint geenzins Emilia,

Gy kunt haar' luilter niet gedoogen; Haar oordeel, haare deugd, draalt u te fterk in de oogen:

Loop jy jou malle nufjes na; Een heertje zo als gy voegt beft by die coquettef,

Snap met haar wat fleurettes; '

Daar ligt, ó Jonker, ik beken 't,

Uw grootft, uw eenigfte talent.

HENDRIK-

Die Dames kunnen my oneindig meer behaagen, Dan een die zig altoos beroept op haar' Autheur; 6! Diefavantes, foei! zy zyn niet te verdraagen; Op zulken valt nooit myne keur.

PAS»

Sluiten