Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M E N G E X W E R" K. 155

Zyn onderftel, zyn gisfïng; (Ik kan 't niet anders noemen,) Van t voor ons onverklaarbre, Gelegen in her droqrafin; En wy Leflooten billyk : „ Wy weeten dat wy droomen, „ Maar 't hoe van dit verfchynzel, „ Is onder 't onbekende."

Myn vriend, (nu, hy's een koopman,) Droomt altoos van negotie; IJy wordt dan ook verdrongen , Gehort, gekneld, geftooten , Als op een drokken Beursdag. Het lief bevallig meisje, Dat ge aan myn hand zaagt hupplen; Dat met haar tedre handjes, Nu dit behaaglyk bloemtje, Dan dat heel mooie takje, Opgroeiend langs de wegen,

Zo

Sluiten