Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M É N Ö E L W Ë H tè la|

dan een fnoode huichelaarj Dan,een domme', naauwgezette,

donkerkykende miftiek? Maar is deze man zyn oordeel

niet zo als hy zelf is — ziek ? Hoe veele edle zielsvermogens;

hoé veel uitgefpaarden tyd, Heeft niet myne hartvriendinne

aart den Godsdienst toegewyd! . Brieven over het genoegen;

vrachten haarer vroege jeugd, Toonen ons, op iedrc bladzy',

zucht voor de altoos fchoone Deugd; !Is niet haar bekoorfyk Walchren,

Voor hem die met oordeel leest, , Zo vol fchoone zedelesfen,

als vervuld met künst en geest? Wat al grootfche dichttafreelen

fehildert daar haar tedre hand! : Schatten van hifcoriekunde;

P proe-

Sluiten