Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOOR HET VADERLAND, I31

Ik fchoof mijn gordijnen

Eens open —— en 't licht Reeds vrolijk aan 't fchijnen,

Ontvouwde mijn' pligt:

Die pligt is mij heilig;

Nu dankte ik mijn' God, Door hem rust ik veilig —«

Hij zegent mijn lot.

Hoe koel waait nu 't windjen.

Ik werk weêr met lust; 'k Heb zwijgend mijn kindjen —

En 't wijf eens gekuscht.

Half-flapende lachjens

Begroetten me alleen, 'k Ontgrendelde zachtjens

De deur, en 'k ging heên»

Sluiten