Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pin VROUWEN. 165

„ merkwaardigst voorkwam. Te gelijker tijd verwek» „ te het bij ons opmerking, dat verfcheiden van die „ kleine zenuwen, die het haare tot opwekking van „ liefde, haat, en andere hartstochten, toebrengen, „ niet uit de hersfenen, maar uit de rondom de oogen „ liggende fpieren , haaren oorfprong «amen. Ik „ nam dit hart in mijne hand , om over deszelfs

zwaarte te kunnen oordeelen; maar het kwam mij „ voor zoo ligt te zijn, dat ik dadelijk tot deszelfs

groote — ledigheid een befluit maaken konde. In „ de daad was ook deszelfs inwendige ruimte vol ho» „ len en kleine vakken, die in elkander liepen, en „ naar de kronkelpaden van eenen tuin geleeken. „ Verfcheiden van deeze kleine holen waaren met dui„ zend kleinigheden opgevuld, die ik met geene mO-

gelijkheid naauwkeurig kan opgeven. Alleenlijk „ moet ik aanmerken, dat het eerfte voorwerp, het ,, welk wij door middel van onze vergrootglaazen „ daar in ontdekten, — een vuurrood hoofdcieraad „ was,

„ Voorts zeide men ons, dat de voormalige bezit„ fter van dit hart, zoo lang zij leefde, de hulde van „ alle haare aanbidderen aangenomen, hen allen met

hoop gevoed, en aan elk in 't bijzonder te verftaan „ gegeven hadde, dat hij den voorrang boven alle „ zijne mede - minnaaren in haar hart — bezat. Wij „ meenden dus, dat wij op de onderfcheidene vlie-

zen van het hart eene eindelooze meenigte van ge» ,, zichten zouden afgedrukt vinden; maar wij ontdek» „ ten, tot onze groote verwondering, geen enkele, „ tot dat wij aan het middenpunt kwamen. Hier za„ gen wij dan met onze vergrootglaazen een klein s, Mannetjen , op eene befpottelijke wijze gekleed.

L 3 Hoe

Sluiten