Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ï20 II. LEERREDE over

grondfiag van alle uwe byzondere fmeekhv

9, gen! Houd dat in 't oog, bedien er u

„ van, in uwe byzondere omftandigheden , „ en uwe fmeekingen zullen opklimmen voor

„ God, gelyk het Avondoffer !" Ziet,

M. H.! is dit niet een fchoone, natuurlyke orde en fchakel der waarheden , waar door ze allen dierbaar en belangryk voor den mensen

worden? ik durf zeggen, als een mensch

van 't begin tot het einde den Catechismus, met zyn hart, volgt, hy zal den regten weg van Zaligheid, best en zekerst, bewandelen; hy zal van een fchuldig zondaar, een gelovig en bekeerd, en op 't einde een teder en juichend Christen worden! Welk een fchik-

king dan, in dat licht befchouwt! Wie

kan ze berispen ? wie moet ze niet eigenaar-

tig, en voortreffelyk noemen ? o! dit op-

ftel zogt, zielen te winnen, zoo wel als menfchen te onderrigtenl

6. Wie antwoord nu met my niet volmondig op die vraag. „ Moet de .", Catechismus dan evenwel niet verandert en

„ verbetert worden? is hy, na al wat ge-

„ zegt is, hoe zeer men ook bewezen mogt „ hebben dat hy voor zyne eeuwe goed en gefchikt was, evenwel niet voor ons onbruikn baar?" —— wie. zegt niet, neen! dit opftei

moet

Sluiten