Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 23 )

feide zielen, de leerlingen van 't ongeloof, die het innigfte medelyden waardig zyn, verleenen aan diergelyke werktuigen des Satans een gretig gehoor. Zy vergapen zich gemaklyk aan de gruwelen , welke uit mond en pen van zulke verleiders voortvloeijen. Zouden zy zulks kunnen doen indien niet even dezelfde verdorvenheid en vyancU fchap tegen God, welke in de zodanige huisvest, van natuure ook in hun woonde? Het zyn toch onlochenbare waarheden : Dat het gedigtfel deigedachten van 's menfchen hart, ten allen dage, alleenlyk boos is van zyn jeugd af aan: Dat deszelfs verdorvenheid onuitfpreeklyk groot, en ondoorgrondlyk diep is: Dat de natuurlyke gerechtigheid louter ydelheid.; en de ingefcliapen Godsdienst , ter verlosfing en zaligheid onzer ziele, by lange, niet toereikend is. Dit alles is rteeds by een groot deel van de Menfchen beftreden en •ontkend geworden. Het kan ook niet anders zyn, alzo de eigenliefde, welke by de meeste de overhand heeft, deze uitfpraken onmogelyk kan verdragen. Maar het ongeloof, en deszelfs affchuwelyke vrugten van Godslasteringen , fpotternyen met den Godsdienst, en Godloosheid, moet zelf dienen om die Waarheden onweder.fpreekiyk te bevestigen. Hoe vergiftig moet de Bron zyn., uit welke deze Stromen van verderf voortvloeijen ! Hoe verre moet de mensch, van God, zyn .afgeweken, daar hy in ftaat is zich, op zulk een B 4 keil-

Sluiten