Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(-34 3

glans der eenvonwi.ee waarheid alöm verfpreiden , en alle gebinten, hoe yerfchillende van eikanderen, fpucdig famenbrengen, en gelijk ééne kudde 'onder éénen herder liellijk vereenigen."

Op de voorlichting dan van deze moderne hervormers, ondermijnen ze de voornaamfte grondwaarheden van onzen christelijken godsdienst. ■■ In onze laatfte bijeen-

komst hebben ze de leer der verzoening door eenen mid • delaar niet alléén ontkend, maar vóór eene leer vol van fpoor-

looze ongerijmdheden ftoutelijk verklaard. Zie hier

hunne redeniag.

De leer der verzoening (zoo fpreken ze) wordt nergens in den bijbel gevonden in dien zin , als wij protestanten jtellen. , Alle fpreekwijzen van offeranden, van (lichtzoen-offer, van verzoening voor de zonden en dergelijken zijn zinbeeldig, figuurlijk, 'gefchikt naar den finaak eu misvattingen der menfchen , die aan den offerdienst gewoon

waren. God toch behoeft niet verzoend te worden,

wij moeten ons maar laten verzoenen, dat is, guriftige gedagten van hem vormen. God vergeeft geern de zonden, wanneer de zondaar zich maar bekeert, zonder dat hij juist nodig heeft , voldoening aan Gods heiligheid

en rechtvaardigheid| te bezorgen. Daarom eifehen

jesus en zijne apostelen alléén bekeering; daarom heeft christus ter onzer verzoening met God niet anders te weeg gebragt, dan dat hij ons door zijne leer en. dood beter onderricht en fterker verzekerd heeft van Gods

genegenheid en genade voor den zondaar. Hebbende

hij , door zijnen dood , ons van alle vrees voor qanltaande willekeurige ftraffen van God, door het bijgeloof ingevoerd, verlost, en alle zulke middelen, als men van tijd tot tijd uitgeclagt heeft,om de Godheid te bevredigen, voor overtal-

lig verklaard. ■ Uit dien hoofde (zeggen ze verder)

kurrrren we de geheele leer der verzoening wel ontbeeren, als zijnde geen voorwerp van het geloof, noch hebbende

eenigen invloed op onze gelukzaligheid. • Het voornaa-

me oogmerk van christus komst cn lijden in de wereld is dan, (naar hunne meening) de hertelling der zoo zeer bedorven natuurleer onder het menschdom , en om eene volle zekerheid aangaande eenen toekomenden (laat en eene zalige onuerflijkheid aan de wereld te geven.

Dit zijn de denkbeelden van mijne alöude vrienden geworden ; geern wilde ik hen te regt brengen , doch ik ben daar toe te zwak, en heb uwe hulp nodig. Ontrek tdj tflêna-o30 -' 31 mij

Sluiten