Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( >»7 )

maakt, zoo dat zijne hope op God zijnen Vader voor het toekomende daar door gefterkt wordt, eu hij,onder het voordduuren der wederwaardigheden, het zelve heil verwacht. Dus is hier de bevinding de ervaring van de godlijke hulpe, die aan den lijdzamen beloofd is.

Joannes en p.aolus gewaagen van die bevinding onder den naam van een getuigenis, van onzen geest,of dat wij in ons zeiven hebben: geen getuigenis echter dat in eenigen opzigte verfchilt van het getuigenis van Gods woord, maar 'er volmaakt mede overeenltemt; noch ook niet, dat door onmidlijke werkingen van Gods Geest aan het gemoed gebragt wordt; maar alleen in de ervarenis, de redenlijke ervarenis van de kracht beftaat, die men zich beloofd en verwacht heeft van de geloofsoefening omtrent de verheven waarheden der godlijke openbaring, en de getrouwe betrachting dier zalige pligten , welken ons daar in zijn voorgefchreven. Een nadere overweging , van het geen joannes en paulus opmerken over dat getuigenis, zal 'er ons in bevestigen, joannes fchreef, die in den Zoone Gods gelooft, heeft het getuigenis in zich zeiven (**). De Apostel was bezig om over een godlijk getuigenis te fchrijven. Dit getuigenis was tweeledig: dat wie in den Zoone geloofde, de waereld overwon, (f) en dat God den geloovigen het eeuwig leeven hadt gegeven, welk leeven in zijnen Zoon was (§> Dit getuigenis wierdt bevestigd door getuigen, weikeu deszelfs waarheid boven allen twijfel zetten, en deszelfs hoog gezag en godlijkheid zóó bevestigden, dat elk verpligt wierdt het zelve aan te nemen Boven dien was 'er nog een

weg, om zich van de verheven waardigheid en kracht van dat getuigenis te vergewisfen, en deze was de geloofsoefening omtrent den Zoone Gods. Wie door dat geloof zijn werk maakte , om de wereld en derzelver verzoekingen te overwinnen, en zich het eeuwig leeven deelachtig te maaken, zoo ver het hier in de beginzelen kan genoten worden; deze heeft het getuigenis in zich zeiven. De zin kan redenlijker wijze geen andere zijn, dan dat zijn eigen ervarenis,

C) tJoSn. V; io. (f) vs. 5. (§) vs. lU G) vs. 6-9. Aa 2

Sluiten