Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 213 3

geofferd, en daar in zoo lang aangehouden, tot dat hij hi zijnen angst verhoord wierdt (*).

Want,toen hij in dezen doodsangst was en het allerheftigfie badt, wierdt van hem gezien een Engel uit den Hemel, die hem verfterkte (t) —— Wij. zullen onze Lezers met verfcheiden nuttelooze vragen omtrent dezen Engel- niet bezig houden; alleen willen wij bij eene gewigtige vraag ftaande blijven; zij is deze: waar in-beftond de vcrjlerking van

den Engel! Niet daar in, dat hij j.esus den last van

den Godlijken toorn hielp torsfen; neen, dat kwam jesus alleen toe, hij moest de persfe alleen treden (§). De Ouden hebben daarom zeer wel gezegt: de Engel verfterkc wel, maar hij draagt niet. — Maar, volgends het bijna algemeen gevoelen, beftaat deze verfterking des Engels in eene. woordelijke mo.edgeving en vertroosting, om den kruiskelk uit te, drinkeu. — Waarfchijnlijk, zegt men, toonde de Engel hem de onveranderlijkheid van het godlijk befluit en de daar op gevolgde voorzeggingen en afschaduwingen; — de onmogelijkheid voor de uitverkoornen , om door een ander middel dan door zijn lijden verlost te worden; «

het welgevallen, dat de Vader hadt in zijne gehoorzaamheid; -r— zijne gewilligheid in den vrederaad , in het opnemen van den borgtocht, en de belofte daar in gedaan.— ja bijzonder wees hij hem de kroon boven het kruis, deUitnemende verhooging, die hij zelfs, en de groote zaligheid , die elk gelovige te verwachten hadde in de gewesten

der eeuwigheid. —■ Deze verklaaring kunnen wij. echter

niet aannemen , want van eene woordelijke verfterking wordt niets gemeld en is dus een loutere, gisfing der Uitleggeren.. Die gedachte is ontdaan door eene verkeerde plaatzing der woorden, Men heeft de woorden van den hemel betrokken tot het woord, engel, daar 't veel eer tot het woord. g?z;'<?»..beboort —■ zo dat de zin eigenlijk deze is: 's Engels verfchijning aan den hemel verfterkte christus en beurde hem o/>. — De engel behoefde dus geen één woord, ter verfterking van jesus., voord.te brengen;, zijne

ver-

("O Ik'tr. V: 7. (f.) Indien de gewoone vertaaling van.

Luc. XXII: 44.. Iteel; houdt, dan begon jesus, na dat hem de Engel verfterkc hadde, inet den dood te worltelen en ernftiger te bidden^ doch dit ftrijdt tegen den aard der zake en de gemoedsbewegingen van den mensch j hierom nemen wij liever deze vertaaling, en toen ijj in doodsangst was, baü hij op het allerheftigfle. Deze veitaaling. ij. intt de grondl'praak meer overeenkomltig, en wij ontgaan de gemeld^, bedenking. Zuo dat lucas ons in dat vers een denkbeeld wil geven , hoe jesus, en in wat toejlami hij was > wanneer deEr.gal h?m, twara teken. •(.§,) Jéf. LXU -.3,5.

Dd 3

Sluiten