Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'C «3 )

evenwel --— hoe groot in dit alles, is hij benauwd en iiddert in het ftof. Voor hem fchijnen alle bronnen vail vertroostingen tocgeftopt. Hij is de Heer aller engelen , en een engel moet hem Herken, en dit droevig lot treft hem geheel op eenmaal. Op het zelfde oogenblik komt de fchaar, om hem gevangen te nemen en in de handen van bloeddorftige vijanden over te leveren. Waar is hier de groote man, die zich zeiven in alle gevallen gelijk blijft? Waar is hier die hoogheid, die wij met zoo veel verwondering aan hem prijzen? Hoe weinig toch kan men dit uit de natuur van eene zoo'volmaakt deugdzame ziel verklaaren! Gewislijk zal het wel altijd volftrekt onmogelijk blijven, om bepaaldelijk te zeggen welke fmertelijke en zielsbenauwende denkbeelden het hart van jesus dermaten bedroefd en benauwd hebben; echter, is dit zeker genoeg, dat wij hier bijzonder het et«enliik begin van zijn offer voor de zonden plaatzen moeten en dat thans het leevendig voorftellen van het diep verval'der menschlijke natuur en van de droevige gevolgen eener algemeene verfpreide verdorvenheid, zoo wel als het daar mede gepaard gaande fmertelijk gevoel, het welk hij als Middelaar tusfchen God en menfchen deswegen zou ondervinden , de eigenlijke (*) oorzaak van deze onuitfpreeklijke bekommernisfeu en zijnen ijslijken doodsangst geweest zij En wat is nu wel natuurlijker, dan hier aan'die plaatfen der heilige Schrift te denken, die ons zeggen: dat hif onze krankheden op zich genomen, onze fmerten gedra-

pen dat hii de rechtvaardige voor de onrechtvaar*

Aken geleden heeft — dat de Heer onzer aller ongerechtigheden op hem deedt aanlopen en hij een vloek voor ons

^wTj^n^ftemct om te leeven. De zondaar alleen 2lal fterven. De dood is de bezolding der, zonde. —■ me kan. mij van ééne zonde overtuigen? kon hij alleen zeggen, dier hier als een zondaar fidderde, en reeds den dood fmaakte, terwijl zijn ziel ten dood toe bedroefd was. Hier derhalven zouden niet alleen onpeilbare diepten , hier zouden zelfs, ongerijmdheden plaats moeten hebben, wanneer wij met de verklaaring hadden: Dien, die geen zonde gekend heeft, heeft God zonde voor ons gemaakt, opdat Wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in hem.

Al

CO De oorzaaken van dezen angst, die j. j. hesz. in het leven van jesus III D. bl. 147-153 opgeeft, zyn, volg.nds ons betoog, niet genoegzaam.

Ct; LIH. I ft:r, III. Cal. III.

Sluiten