Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C )

ons bericht van de wachters geeft. — Waarlijk ! — d* vijanden van onzen Godsdienst verraden hier eene wanho-; pige zaak, daar zij zich zeiven wederleggen. — Zij zeggen , zoo dikwerf de Euangelisten overeenltemmen, dat zulks geen wonder is, dewijl de één den ander' heeft uitschreven.—Wanneer dan de overige Euangelisten, een of meer van hun, deze gebeurenis insgelijks hadden aangetekend, zouden onze vijanden zeggen :dat de één het Van den ander had. —En nu het één alleen heeft is het ook niet wel. — Hier uit blijkt, dat zij voorgenomen hebben de Euangelisten te willen berispen. Het gene zij doch op de eene plaats in de gewijde Schrijvers vorderen, laaken zij in dezelven óp eene andere plaats. — Zoo vangen zij zich zeiven in hun eigen garen.

Behalven dat: hoe onedelmoedig is de berisping, dat het verhaal van eene of andere Gebeurenis valsch is, om dat maar één Euangelist dezelve heeft aangetekend. — Wij nefnen Joden, Heidenen en Mahomedaanen tot getuigen, of men bp zulke wijze ooit met Gefchiedfchrijvers omfpringt. — Wanneer men rede heeft, om van de geloofwaardigheid vaii een' Gefchiedfchrijver overtuigd te zijn , is het nog nooit in gezonde herfenen opgekomen , het bericht van eene Gebeurenis, door hem aangetekend, in twijfel te trekken , al wordt ze bij geen anderen Gefchiedfchrijver aangetroffen. — Het gene dierhalven een algemeene bekende regel is in dè Gefchiedkunde, wil men bij onze gewijde Schrijvers niet laten gelden. — Zoo werpen dan de vijanden van onzen Godsdienst alle wetten van redenlijkheid en billijkheid om verre, op dat zij de Euangelisten zouden kunnen hekelen.— Welke ontdekking voor onzen Godsdienst! r— Zulke wapenen , die bij alle' redenlijke wezens verfoeid worden, hebben zij nodig om hunne oorlogen te voeren!

Of zou iemand twijfelen kunnen aan de geloofwaardigheid van onzen matt iieu s ? Geen Schrijver heeft zulke aanfpraak op onze erkentenis van zijne geloofwaardigheid , als een Apostel, en dierhalven als onze mattheus. — De geloofwaardigheid van onze gewijde Schrijvers menigwerf betoogd zijnde , zullen wij alleen , om geene gaaping in ons betoog over te laten , aanmerken: dat deze als dan bedenkelijk wordt, wanneer zij dingen verhaalen, van welken zij geene genoegzame zekerheid hebben konden; of wanneer hun eigenbelang daar bij in aanmerking kwam. — Doch niets minder dan dit kan men tegen een Apostelen zoo tegen onzen mattheus aanvoeren. Zij allen, en dus ook mattheus, 'leefden in dien tijd, en onder dat volk, en op die zelfde

plaats.

Sluiten