Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*>.'t de uïtflag' van zijnen optocht rampzalig Zou zijn; drt het leger verftrooid zou worden en a««ab fneeven zou-" de. Dit was ook in de daad het gevolg.

Zie daar achabs gefchiedenis. jezëbel zijne vrouw Was eene dochter van /Jdons koning, etii baal, itaBalus bij de heidenfche Schrijvers genaamd. Zij was, en bleef als koningin in Israël, eene afgodendienaaresfe, en maakte ras haar man een'afgodendienaar. Hier op deed ze eene pooging om lsr.rj'ls godsdienst üitteroejen, vervolgde de belijders van denzelven, liet een groote menigte der besteen braaf te mannen, vooral profeeten, dooden. Na dat elia haar 450 Kaals profeeten hadt doen fneeven, üsweèrt zij ook hem den dood, doch hij ontkwam het door de vlügt. Zoo haast zij vernam dat na bod zij-" nen wijngaard aan achab hadt geweigerd, neemt ze, zonder zijn voorweten, het koningiijk zegel, fchrijft in zijn' naam brieven aan de oud !cn van Israël, beveelt hun" de wijze , op welke zij mbu d moeten befchuldigen, veroordeelen en ter dood brengen. Deze voeren dit uit, en geven haar hier van verflag Zij gaat hierop tot haar man om hem aan te fpooren kabous wijngaard in bezit te nemen. Laarftelijk meldt ons haare gefchichte, dat aan haar een gewelddadige dood is voorfpeld; dat zij dien ook eenigen tijd, na haar mans dood, heeft ondergaan. Dit zij van haare gefchiedenis op zich zelve genoeg.

Befchouwen wij nu de bcrigten van achab over 't geheel: 't valt wel haast in 't o g, dat zijn grond Characler meer zwak dan opzettelijk boos, meer toegevend dan de reden vertrappende , meer gefchikt om geleid te worden dan om zelfs te leiden; in een woord: meer bekwaam oin beheerscht te worden, dan om zelfs teheerfchen, Ware. Wel haast valt het in 't oog dat het voor achab zei ven, zoo wel als voor zijn rijk, het grootfte onge'uk ware, dat jfe'z^iïEc, de vreemde jezicbel, die noch den vaderlandfchen Godsdienst was toegedaan, noch vaderlnndfche liefde tot Israërs bodem, noch liefde voor't Israëlkifche volkhr.dt, door hem ter vrouwe was genomen. Dit was voor hem de bron van de fnood.le ondeugden ; hier door veroorzaakte hij zijn eigen ondergang, en 't bederf van zijn gebied. Da gefchiedenis zelve rekent hem dit tot een zwanre müdsrd toe; zij brandmerkt hem hierom: ah de vorst die kwaad deede meer dan allen, die voor hem geweest w-ren • zij zegt:dnt hij zich verkocht hadt om kwar.d te doen in de oogen van den Opperwezenanr, door dien zijn vrouwe ['-- zeüï - hem daar toe ophitfte. En in de crad, dat jezebel, hoe fchoon haar gelaat geweest mo*

se

Sluiten