Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE V R IJ E GODSDIENSTVRIEND.

OVER DEN NAAM JEHOVA.

waarde godsdienstvriend!

Daar ik niet kan goedkeuren, dat men in de vertaalin'g van onzen Bijbel den naam jehova niet heeft behouden, heb ik u hier over mijne gedachten willen mede-> 'deelen Zie daar dezelve.

Overal in de vertaaling van onzen Bijbel vinden wij in de plaats van jehova den naam heere. — Van waar dit?zal elk nieuwsgierig vragen: — en wel met het grootfte recht. — Men wete dan, dat de Jooden den naam jehova nooit uitfpreken. Maar wanneer zij in het lezen van den Hebreeuwfchen Bijbel dien naam ontmoeten, fpre-

ken zij altijd uit adonai (Heere') Dit is Bijgeloof; bij

hen voordgefproten uit vrees van te zondigen tegen Gods wet, welke beveelt, dat zij zijnen naam niet ijdelijk °-ebruiken gouden. Door dien naam veritaan zij den naam jehova. En dan redenen zij aldus: „ het kan ligtlijk „ gebeuren, dat wij dien naam niet met den vereischten h eerbied uitfpreken en daarom is het veiliger in het »-e„ heel zich voor het uitfpreken van dien naam te wach,ï, ten (*) De Gefchiedenis door moses aangetekend (f) Van dien jongeling, die dien naam lasterde, heeft den jood in dat bijgeloof nog nader bevestigd. — Men zal zich van zulk een bijgeloof eenig denkbeeld vormen kunnen, wan»

neeï

(*) Conf. k-ENNic. Disf. Gen* CEcl. erwnsiO P> *lt.

(10 Lev. XXIV: io/ig.

i. L

W°t 33.

Ik ben de heere, dat is mijn naam.

jes. XLII: 8.

Sluiten