Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

98 HET BOEK JOB. XXVIL

Zijn nakroost vindt geen brood om den honger te ftillen.

15 Het overfchot van zijn genacht heeft zijn graf

in den dood; Hunne weduwen betreuren hen niet.

16 Hij verzamele zich zilver; hij bereide zich

klederen,

Zo veel als het flijk van de ftraaten , zo veel als het ftof;

17 De klederen, die hij bereidde, trekt de deugd¬

zame aan;

[Zijn verzamelde] zilver komt den vroomen ten deel.

18 Het huis , dat hij bouwde, is als 't huis ee-

ner motte,

Als een luchtig opgeflagene tent [in den wijngaard].

19 Rijk gaat hij flapen; 't is uit met verzamelen. Hij opent zijne oogen. Hij is er niet meer.

20 De verfchrikking overvalt hem als een vloed; Des nachts fteelt hem een wervelwind weg.

21 Een oostewind pakt hem op: daar vaart hij

henen;

Hij

Sluiten