Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

88 AANMERKINGEN.

vs. ao. De Almagtige enz. Eigenlijk : Hij drinke van het vergif des Almagtigen , dat is, van de brandende hitte van Gods toorn, welks mtwerkfelen doodelijk zijn. Vergelijk vers. 4.

vs. 22. Die God zal leeren enz. Eigenlijk:

die God weten/chap zal leeren. Job gaat

in dit vers over tot het befluit uit zijne voorige redeneering. De ondervinding leert, dat ook de godloozen een beftendig en ongeftoord geluk genieten. Dus is geluk en ongeluk niet met deugd en ondeugd verbonden. Eenerleij lot wedervaart fomtijds den godloozen en den vroomen. Dit is de beftelling van Gods wijsheid , die ondoorgrondelijk is , en van zijne magt, tegen welke zich niemand kan verzetten.

vs. 23. Zonder dat hem ooit iets ontbrak. Eigenlijk: in de kracht zijner volkomenheid.

vs. 24. Volgens de gewoone lezing kan men het eerfte woord niet wel anders vertaJen , dan ruime , uitgeftrekte, v:erijke weiden, of, het geen weinig verfchil maakt, de perken zijner kudden , welke vol waren met melkgevende

Sluiten