Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANMERKINGEN. 123

deugd, even als of dezelve volmaakt ware , fpreken,

vs, 2, 3. Is niet rampzaligheid en ellende het lot , dat God beftemd heeft voor den godloozen ? en evenwel moet ik , hoezeer onfchuldig, dezelfde rampzaligheid ondervinden.

vs. 7. Zo mijn hart enz. Zo ik ooit toegaf aan zinlijke begeerlijkheden , welke hier vooral tot de wellust betrekkelijk zijn. Verg. 1 Joh. H. 16.

Zo er immer iets aan mijne handen gekleefd heeft. Zo ik mij immer met onrechtvaardig goed, of omkopingsgiften verrijkt hebbe.

vs. 8. Dan hebbe een ander al het genot van hetgeen ik gearbeid heb ; ja dan ga zelfs alles , wat ik gearbeid heb , onheritelbaar verloren,

vs, 9. Zo ik immer de deur van mijn' vriend heb beloerd. Namelijk met onkuifche begeerte naar zijne huisvrouw,

vs, iq. Zo male mijne vrouw enz. Zo

worde

Sluiten