Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i34 AANMERKINGEN.

Heer Jefus Christus, die de wereld door het losgeld, dat hij voor dezelve betaald heeft, van den dood en van alle ftraffe der zonde bevrijdt. De fpreekwijzen zelve fcheenen tot die opvatting eenige aanleiding te geven , als vrij wel overeenkomende met eenige uitdrukkingen , waardoor elders de verlosfing des menschdoms door Jefus Christus bcfchreven wordt. Dan hoezeer ik deeze gelijkheid dier fpreekwijzen gevoele; hoezeer ik ook niet behore tot het getal der genen , die met opzet alle aanduidingen van den Mesfias uit de fchriften van het Oud Verbond wegverklaaren , kan ik echter , na een bedaard en onpartijdig onderzoek , mijne toeftemming aan deeze uitlegging niet geven : immers vooreerst komt het mij zeer vreemd voor , dat Elihu Job reeds op den Verlosfcr van het menschdom zou wijzen , en dat men echter in de rede van God zeiven, Hoofdd. XXXVIII—XLII. niets van denzclvcn vinden zou. Men zal toch niet kunnen zeggen , dat het onderwijs van Elihu volmaakter is geweest , dan dat van God zeiven. Zelfs de natuurlijke orde van dit Dichtftuk zou zulks niet gedogen. Hier bij komt ten tweeden , dat wij dergelijke fpreekwijzen wel in het Nieuw Verbond , maar geenfins in

die

Sluiten