Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i7* AANMERKINGEN.

eindelijk meer kragt heeft in zijne pooten, dan wel in zijne hoornen: daar integendeel de Reëm der H. Schrift een fterk en bandeloos dier is, dat den menfchen zeer gevaarlijk is, en wiens voornaame fterkte in zijne hoornen is. Vergelijk, behalven deeze plaats, Deut. XXXIII. 17. pf. XXII. 22. XCII. u. Ik blijf daarom tot nog toe bij het gevoelen van hun, die er den wilden buffel-os door verdaan. Dit dier, het welk in het Oosten zeer gemeen is, is zeer fterk; en hoewel men het naderhand heeft begonnen te temmen, is het echter in den ftaat der wildheid vijandig tegen de menfchen , zo zelfs, dat het op de reizigers zeer dikwijls aanvalle. Voor den naam van Buffel-os, heb ik, omdat hij mij met msciiaens in den dichterlijken ftijl te plat fchijnt, dien van Woudftier verkoozen. Men zie over den Buffel-os onder anderen de Reizen van shaw II. Deel bladz. 179, 180.

vs. 13. Zult gij hem met riemen enz. Eigenlijk : Zult gij hem met zijn touw binden in de vooren.

vs. 16—20. Wie anders dan God zorgt voor den Struisvogel , dat onverftandig dier ,

dat

Sluiten