Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

• AANHANGSEL. z?i

van iemand, die vijandlijk op eenen anderen aanvalt, gebruikt, Jerem. XV. u. en eenigzins ook Jef. LUI. 6.

In het 33 vers wordt wederom het eerfte lid zeer verfchillend verklaard. Volgens mijn inzicht geeft de uitlegging van a. schultens, die het verklaart annunciat de eo clangor ejusy eenen zeer fchoonen zin. De donder wordt hier als een heraut van God verbeeldt, die met het bazuingeklank vooruitgaat , om de komst der hoogfte Majefteit aantekondigen. heath heeft dit denkbeeld treffend uitgedrukt door deeze vertaling: His thunder maketh proclamalion bef re kim. Het zelfde denkbeeld heeft Apostel Paulus in zijne waarlijk dichterlijke uitbeelding van de komst van Jefus ten oordeele , i Theff. IV. 16. En ik voor mij vind dit denkbeeld hier zo fraai , dat ik mij zeer verwondere, dat nieuwere uitleggers, gelijk doederlein , huffnagel en anderen er niet eens gewag van gemaakt hebben.

Eindelijk in het tweede lid van ys. 33. kan men gevoeglijk of HJPp het zelfde als , lezen, zodat fl$>fl; zij ; den toorn doende ontbranden ; of men kan ejN H JjpD lezen, en

dat

Sluiten