Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANHANGSEL. s&

willmet. Volgens zijne gedachten moeten de woorden eigenlijk overgezet worden : De vleugelen der ftruisvogelen wapperen wel heen en weder • maar zijn ze tot vliegen gefchikt i gelijk de reiger en de fperwer? (d. i. maar zij zijn niet tot vliegen gefchikt,) daar zij haare eieren in de aarde laat liggen en in het zand uitbroeit, en niet, gelijk de twee anderen , in de boomen , gelijk men anders van eenen vogel denken zoude. De vergelijking namelijk is uit twee oogpunten alleen te • befchouwen, en uit het eijerleggen op den grond , en uit het ruilen van jongen. Om dit in een fterk licht te plaatfen , dient het eerfte lid van vs* 16. De ftruisvogel heeft evenwel vleugelen en wappert , waarom legt ze dan op de aarde ? enz. en ter oplosfing dient de tweede vraag : zijn haare vleugelen gefchikt tot vlie* gen ? En om dit te fterker te ma Ken , worden hier de wijfjes ftruisvogels (want D^JI moet men hier van de wijfjes neemen) vergeleken met twee andere vogelen, ook wijfjes, namelijk niet rn'Dn de reiger, die in de boomen nestelt Pf CIV. 47, en nyl, gelijk men leezen moet met de LXX, die hier het Hebreeuwfche woord, dat ze niet verftonden , behouden hebben , en hetvis-ffvs, of, volgens eene andere lezing, wvssa [Ra] ge-

Sluiten