Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

&6z AANHANGSEL.

ftruisvogel haare eigen jongen hard of wreed behandelt ; zij verlaat wel 1'chielijk haar nest op het minste geruisch , doch dat gefchiedt niet uit wreedheid, of onbarmhartigheid, maar uit vrees, jelianus befchrijft haar integendeel, als zeer liefderijk jegens haare jongen: en dit wordt ook door eene plaats uit een Arabisch fchrijver bij A. S. bladz. 1123 bevestigd. Dat zij dan haar eigen nest niet kan wedervinden, maar andere jongen in plaats van de haare acht, is meer een bewijs van haare domheid, als van haare wreedheid : en zo wordt het ook aangemerkt in het volgende vers.

Eindelijk is het geheel onwaar, dat de flruisvogel zonder vrees zou zijn ; zij is integendeel zo vreesachtig, dat de Arabieren er veele fpreekwijzen van ontleenen om de vrees, achtigheid te kennen te geevcn , gelijk zulken , die in derzelver fchriften geene vreemde-; lingen zijn, niet onbekend kan zijn.

vs. 23. De Heer willmet , dien ik ook hier volge , leest voor Wjnnn met den Targum W^ni! , vergelijkt vervolgens In met a& bij golius , fomim edidit collapftts yiurus , Qum Jhfurro murmuravit -mars , en l * geeft

Sluiten