Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a68 AANHANGSE L.

lijk zij namelijk TJ7 de fterkte en ra!H de yrees, welke ys. 13. genoemd waren , kondigen zijnen vervolger den val of ondergang aan.

plï' eigenlijk premat fuper eum. Men vindt bij virgilius eene dergelijke fpreekwijs van de jagt gebruikt in retia premere cervos. Vergelijkt men ys. 15, dan ziet men, dat in UtT eene antanaclafis plaats heeft. De Heer hamelsveld fchijnt het op dezelfde wijze gekomen te hebben.

XLI. 16. *V)J wegwijken, uit vrees. In de uitlegging van ïNanrV volg ik dathe en huffnagel. Voor OH3tya kan men misfchien beter lezen D"13C>D , het welk in den • • •, t

zin echter op hetzelfde uitkomt.

vs. 21. Den grond beploegt hij met vooren. Zo zette ik deeze woorden , volgens gisfing, over. A. S. heeft het dus vertaald: infra eum acuminata tejlae, in den zelfden zin, als onze Nederlandfche Overzetters , onder hem zijn fcheipe jcherven : dan dat dit niet ftrookt met de natuur van den krokodil, die een' weeken buik heeft, en zich in het weeke flijk veel eer, dan

op

Sluiten