Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7o v. Overd. Over het Misbruik van het

van God fterker wierd ten toon gefpreid, dan

hier door, dat Hij zijnen Zoon daar toe

overgaf! Wee! den lasteraar van God

en menfchen, den onzinnigen verdraaier van de boodfchap der grootfte liefde, welke aan menfchen en Engelen kon verkondigd worden, die zoo iets durft te zeggen.

§. 6.

Een misbruik , misfchien een minder opzettelijk , maar zeker een veel algemeener misbruik is het, als men denkt: men kan tóch nu in het Christendom iets geruster voordzondigen, wijl in het zelve de vergeeving der zonden verkondigd wordt. Ik weet niet, waar ik beginnen zal, om het dwaaze, onmenfchelijke, affchuwelijke van dit misbruik aan te toonen. Niet van eene eenige zonde verkrijgt gij vergeeving, bij aldien gij zulk eene denkwijs in u blijft koefteren. Deeze denkwijs, loopt rechtftreeks aan tegen de denkwijs van Jefus. Gij zijt niet waardig u naar zijnen naam te noemen, wanneer gij zjin

Euangelie zoo misbruikt. Berouw , waar

leedwezen over de zonde moet de vergeeving derzelve voorafgaan; en is dat nu berouw, als gij u verbeeldt, dat u het zondigen gemakkelijk gemaakt wordt, en gij u even daarom over het Euangelie verheugt, om dat gij 'er zoo gerust in kunt blijven voordzondigen ? zult gij die door Christus gerechtvaardigd wierdt, nog met opzet, nog met genoegen zelfs zondigen ? Om de zonden moest Hij zoo veel lijden , en die zonde is u nog zoo lief?

Om

Sluiten