Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

iio vin. Overd. Over het Misbruik van

wijls, zelfs honderdmaal gebeurd, wat ook de hedendaagfche wijsheid, die alles met handen wil tasten, daar tegen mag inbrengen. Zij wierd wel niet zoo plotslings verwekt, maar zij openbaarde zich plotslings, wierd fnel zichtbaar, fchoon in het ftille binnenfte daar aan reeds lang was gewerkt, zoo als in het binnenfte van den boom lang vooraf alles wordt voorbereid, tot dat de bloezem-knop uitbot. En zeker was de wedergeboorte, de verandering door den Geest daar van de oorzaak. Maar was dit nu altijd zoo? — Ging het met die verandering altijd op dezelfde wijs toe? Wie kan ooit, die de gefchiedenis van den Bijbel gelezen heeft, zoo denken? De Discipelen van Jefus verkreegen zoo veele krachten van den Geest, en dezelve vertoonden zich zoo weinig, als toen eerst, toen de volheid des Geests op den Pinkfterdag over hun wierd uitgeftort. Saulus wierd op eens in eenen Paulus veranderd ; door den Geest verkreeg hij op eens, het geen hij noodig had. Gewoonlijk ging de doop het ontvangen van de gaven van den Geest voor; Maar Cornelius verkreeg eerst de gaven van den Geest en wierd toen gedoopt. Hij en zoo veele anderen verkreegen op het zelfde oogenblik de krachten van den Geest, zoo dra zij Jefus voor den Mesfias erkenden; en zoo veele anderen moesten nog lange onder de wet, in het Joodendom verkeeren, kenden alleen den doop van Joannes tot bekeering, eer zij iets van dezen Geest deelachtig wierden. (J*) Zelfs

de

(*) Handel. XIX.

Sluiten