Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELFDE OVERDENKING

Over het Misbruik van de Leere des Avmdmaals.

Volgens i Cor. XI: 20,

§• 1.

Onderfcheiden is de taal, waarin tot menfchen kan gefproken worden; en ook gefproken wordt. Men fpreekt door gebaarden, door de oogen, door tekenen, door ftille daaden even zoo goed, als door woorden; en geene taal is verftaanbaarer dan die, welke zonder woorden gefproken wordt. Misfchien verftaat iemand het niet , wanneer men hem zegt: ik betreur u, acht u hoog, bemin u! Maar wie verftaat het oog van medelijden, het oog der liefde niet ? Gij verftaat het niet, wanneer men tot u in eene vreemde taal zegt: lk wil u geeven, mede-deelen, u verzadigen: maar wanneer hij u een ftuk broods, een' dronk frisch water aanbiedt, en met een oog van liefde vraagt: of gij nog meer verkiest voor wien zou dat onverftaanbaar zijn? deze taal wordt van alle menfchen onder alle Hemelftreeken verftaan. Hoe verhevener een wezen is, dies te eenvouwiger is zijne taal, dies té minder kan dezelve kwalijk begreepen worden , dies te algemeener wordt ze goed begreepen. — En als Jefus nu eenen maaltijd verordent; brood en wijn , laat'

Sluiten