Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«tg I7ft ft*

toegekend. Maar! het Hooge School gelieve op zijne hoede te zijn! Want de B- Honorarius is een Gaan-voert en verftaat de Kunst om het door de derde of vierde hand zo te dirigeren, dat deeze of geene vraag, waarop hij zich lange vooraf geprepareert heeft, tot eene prijsvraag gemaakt, worde, en weet prompt cp die Vraagen te paficn, tot welkers beantwoording hij reeds veele jaaren van te vooren, het Zuyden en Noordin, Oost- en Westindien, onder contributie gezet heeft, en dus verzekerd is, dat niemand dan hij den prijs krijgen zal. Ik voor mij wil het wel bekennen, dat ik met de Zaak zou verlegen zijn, en niet weeten aan welke qualiteit ik het Prijs-kalf zou moeten toekennen ? Maar dat hij den Prijs zelve verdienen zal, komt mij zeer waarfchijnelijk voor. Echter ik beffifiè het niet en denke met Palaemon bij Virgil:

Non noflrütn inter vos tantas componere lites

Et vitula tu dignus & hiel

Ik ben niet magtig om dat zwaar Gefchil te flisfen! Ik weet niet wie van twêen het Kalf behoort te misfen.

De Een verdient het, en de ander is het waard ! f)

Om

(*) Ik heb, na dat ik deezen myn' Brief gereed had» ook Uwe Faenjes altemaal doorgelezen! (Het hittere en

Sluiten