Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

€ ïo'4 gé

waarover wij het toch niet zullen eens wordenj voor een tijd daar laaten, en de tiveede Vraag onderzoeken ! Zou de Patiënt nog •voél eige Krachten en Vermogens bezitten, om het Voorjchrift, dat wy hem zullen geven, te ver paan, en om de Artfenij te gebruiken? — Zij beginnen te redentwisten, cn terwijl zij beezig zijn , bun geleerd difpuut voorttezetten , neemt het ijlen van den Patiënt een einde, en hij komt weder bij zich zeiven. Hij hoort met Verbaastheid het afgetrokken diepzinnig Discours , over den kleenen relt van zijn zwak era bijkans ten vollen verteerd Vermogen, en over de geringe kragten, die bet Vergif't welk in zijne lappen en aderen woelt, hem nog heeft overig gelaaten ! Hij luiftert met Oplettenheid, begrijpt zo mmige woorden half, zommigcn in V geheel niet en de overigen geheel en al verkeerd. Hij begint eerfl: te tvvijffelen en eindelijk zelfs als 't ware overtuigd te worden: dat volflrekt alle zijne Krachten ten vollen uitgeput zijn: dat hij volltrekc niets meer verdaan en begrijpen,' en zelfs de Artfenij niet gebruiken kan! Hij raapt het rampzaalig overfchot van zijne luttele Vermogens bij eikanderen, werpt zich in zijn bedde op de andere zijde, wordt moedeloos, valt in eene halve wanhoop, en deeze Wiegt hem in eene diepe ruft en in een' gevoellozen flaap enz. ■ Zie daarl zegt één der Geneesheeren, alle Krachten zijn ten eenemaale weg tfc verdwsensn.' De Patiënt is verre genoeg

ver*

Sluiten