Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m 2°r U

ke moreele kracht: cn kan deeze kracht op eeri verfhndig denkend Weezen niec werken, ten zij dar. hij die hec hoort of leest, oplettend, aandagtig en met een gehoorzaam hart hoort en leest? zo volgt van zelve, dat een Menfch het laatsté doen moet, wil hij anders van het eerste Nut erë Voordeel hebben.

De tegenwerping of de Zwaarigheid: de Menfch heeft van Natuur geene krachten en vermogens om geestelijke zaaken te bevatten, te beoordeelen, aantenemen, zich daarvan te overtuigen, èn 'er behoorelijk gebruik van te maaken, komt In het geheel hier niet te pas, maar zeer kwaalijk ter fneede. Want de Wil varf God, dat de Menfch door zijn Woord zal bekeerd en gezaaligt wor* den, is immers met het Woord verbonden, en wsrkt, in, met en door hetzelve. De Wil van God, die magtig genoeg was door het enkele Woord of Bevel: Het worde Licht! het Licht Uit de duisternis te doen voortkomen; zou die niet in ftaat zijn door het Woord der Waarheid eene verduisterde Ziel te verlichten, cn een onheilig hart, rein en heilig te maaken, wanneer de Menfch, in wien dit hart woont, flechts doed

wat God en zijn plicht van hem ei&fchen? .

Hoe en op vjat wijze dat in zijn werk gaat, dat God onder het behoorlijk lezen en hooren van zijti Woord, Bekeering en Heiligmaking in het hart van den Menfch werkt? Deeze vraage zal ik beant-

woor;

Sluiten