Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET TWAALFDE VERVOLG.

De Tolerantie, waarvan mijn Oom , zo groot een Vriend is, ligt U als een vreeslijk groote ftruikelblok in den Weg! Maar! mijn goede Man! hebc gij wel ooit ter deege bedaard en rijpelijk over de Tolerantie en Intolerantie, en over de gevolgen , welke beiden zomtijds na zich floepen ,

nagedacht? [Ik geloof, al zo min, als over

die ftoffe, waarover de Verhandeling van mijn Oom in het IX -XI vervolg loopt. Ik zal de Vrijheid gebruiken , om 'er u eenige gelegenheid toe te geven, van 'er over te kunnen nadenken. Och! of ik aan U ook de bekwaamheid, het vermogen, en de lust, om 'erover te refleiïeeren, konde mededeelen!

Wanneer men met oplettenheid de ondervinding gade flaat en op de uitwerkzelen acht geeft, welke de Tolerantie, A) bij bet gros van bet Menfcbdom, bij zulke Menfcben die verwaarloost zijn, bij Menfcben die hunne zielen niet in orde gebragt, hun verf and niet gefcherpt, en bunnen geest y met den Godsdienst niet doorvoedt bebben, B_) zier toevallig, en niet door zich zeiven, te voorfchijn brengt; zo loopt men zeker gevaar in den beginnt zo in twijffel geraaken , dat men niet

weet,

Sluiten