Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C53)

regen en blikzem bloot gefteld. In die naaxe donkerheid des nagts wisten wij niet, waar wij heen zouden vlugten, zoo we overvallen mogten worden. Dit alles en meerdere omftandigheden waren heel aartige gezigten. - Doch uit deze verlegenheid reddeden wij ons weldra. Onze manfehap wierd, terftond, in de best mogelijke orde, na het nabijgelegen palmbosch gezonden, als mede de kruidtonnen en ander voorraad van oorlogstuig, welke men met Palmbladen overdekte. De vriendelijke Aurora verdreef de zwarte regenwolken, en naa verloop van een uur hadden wij wederom droog Weêr. Nooit heb ik fterker na den morgen verlangd; en die was zo veel te aangenaamcr, als niets van ons zonderling bedorven was.

Den 30ften Maart brak men weder om 6 uuren Op, en de marsch wierd voortgezet: was het gisteren ongevallig, om de menigte van moerasfen tepasfeeren, het was heden niet minder; want het getal daarvan niet alleen, maar ook derzelver diepte vermeerderde. Om 10 uuren waren wij tegen over het eerfte vijandlijke Dorp, den naam draagende van Atocco, welk in een regte lijn niet boven drie mijlen van de Volta, en van de zee niet veel meer, dan een vierde eener mijl af is.

Terftond daarnaa zag ik, voor de eerfte maal, aan beide zijden des Legers, eenige hoopen wilde Buffels, waarvan elk omtrent uit ioof I2ftuks D 3 be-

Sluiten