Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C79)

briefs, bijkans is toegeneezen. Een robust matf had, tusfchen de derde en vierde rib, omtrent in het midden der linke zijde, een' fchoot gekreegen. De kogel had zijnen weg dwars genomen, en was in den rug onder het regtefchouderblad uitgekomen. Toen ik , bij het onderzoek, niet daa zeer weinig bloed in de openingen vond, verwijdde ik deze, maar kreeg geen geronnen bloed 'Thrombus} te zien. Hierom vreesde ik voor eene uitftorting in de holte der borst, en was bodugt voor den Lijder, die evenwel, tot mijne verwondering, weldra weêr tot de voorige kragtea kwam. Zo gelukkig was een ander niet, die aaa dezelfde plaats gefchooten was; want, toen ik de wonde onderzogt, fprong een ftraal bloeds, als eene fontein, in mijn aangezigt, welke de Tvwetzing der groote flagader te kennen gaf, en alle hoop deed verdwijnen. ' Een groot gedeelte van de onzen blesfeerde zig zelf, vermids hunne fnaphaanen fprongen, waardoor, zomtijds, de linke hand geheel, of ten deele verlooren ging. Dit ongeluk hadden wij 'een nieuw foort van vuurroeren te wijten, welke ons in dit jaar waren toegezonden.

Deze dag was de heetfte voor mij, dien ik tot hier toe heb beleeft. Niet alleen dat ik met werk 'zo overlaaden was, dat ik pas mijne gedagten konde regelen, maar ook de bijna zengende zon'neftraalen, welke van eene heel heldere lugt, bijkans regtftandig, in de open vlakte vielen, als

me-

Sluiten