Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de godsdienstige ambagtsman. 141

Hoe ruim wordt my myne oeffening verzoet!" lik merk zeer wel, hoe ik dit moet beginnen:

'k Moet eerlyk zyn, geduldig, zedig, goed," Myn naasten, my—maar meer myn God beminnen.

Zie dit, dit zyn de bronnen myner vreugd. iHier door kan ik de gunst des Hemels winnen.:

Nu dien ik God eenvoudig en verheugd $ ; Terwyl 'k my zelf in kennis zie verflerken.

Het waar Geloof toon ik door waare deugd; rk Verdien by God niets met myn'goede werken;-

Al wat ik doe wordt onvolmaakt gedaan: ;Dan 't geeft my moeds kan ik myn vordring merken.

'k Nam Jezus voor myn grooten Meester aan, 'k Ben overtuigt dat ik hem meer zal eeren

Door altoos op zyn eigen weg te gaan, Dan kan gefchiên door fchrander disputeeren.

'k Beleide ook dat myn lichaam keert tot ftof, IMaar dat myn ziel tot haaren God zal keeren. ft ft

ft huize-

Sluiten