Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE GEMOEDELYKE VADER. 185

-,Onrecht plegen met hunn' God!

'fe Zidder voor hun yslyk lot, Ach, wat durft men zich vermeten! Hoort men niet naar zyn geweten?

i'i^J sib ni ns-svvnebnO u

„ Hartekenner! wees getuige „ Dat ik, in dit plegtig uur,

„ Smeekend myne kniën buige, „ Met dien ootmoed, ernst, dat vuur

„ Voegende aan dit heilig werk:

„ Dat de Leer van deeze Kerk, „ Van my, in dit zalig heden, „ Wordt verftaan, gelooft, beleden. .

,, Overtuiging doet my hoopen, „ Dat gy 't kind, aan u gewydt,

„ Met uw' heilgen geest zult doopen; „ Dat gy myn Verbonds God zyt;

„ Dat het nu reeds in 't gemoed

„ Is gereinigt, door het Bloed

M 5 „ Uwes

Sluiten