Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1-E8EH5AGSLIIBÏ 157

Dat ook by overwonnelingen De omftandigheden, deeze dingen

Aan beiden wedervaaren doet: Dat deugd en ondeugd in dit leven Haar loon of ftraf niet wordt gegeven;

En dat, God is aan allen goed.

Dat overdaad en kwade zeden, Dat onbefchaamde dartelheden ,

*t Geluk wel fnuiken van een Ryk; Doch, daar m' altoos van die gebreken In yder Land, elk Ryk, hoort fpreeken:

Zyn zy elkander zeer gelyk.

„ Die overwon, dankt voor dien zegen Dus gingt gy voort, „ door hem verkregen,

„ Met plegtig kerkgebaar zyn God: „ Acht ook zyn eigen zaak rechtvaardig, „ En dus een goeden uitflag waardig; Hem trof met recht een gunstig lot.

« Maar

Sluiten