Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

|^(5 HET HUISLYK LEVENJ

Ik weet, dat vrouwelyke zoetheid

Gegrond is in uw zagt gemoed: Gy hebt te veel vcrftand en goedheid,

Gy zyt veels te wel opgevoed, Om u door drift zo zeer te ontvoeren,

Op 't minfte dat niet wel gefchied. Danken ik ook, ('kzeg't met ontroeren!) i

Myn lief, myn vriendlyk vrouwtje nietlt

'k Wil u een huiszorg niet onttrekken,

Die u zo wel is toebetrouwt, Dit laat ik voor verwyfde gekken:

'k Weet dat ge uw oog op alles houdt. Gy doet, al wat gy doet, beraaden:

Ik zie dat duidelyk; ik voel 't. Nog meer, 'k weet dat gy in uw daaden

Altoos iets pryzelyks bedoelt.

Maan

Sluiten