Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*4t BUURENPR A ATJÏ.

'k Dagt: wel, welk een mal portret, (Want ik ken geen lui die zuchten, Zie zo ben ik, zien of luchten,)

Of my nou.al weer belet?

'k Vroeg wat norsch, wie ben je vrouw? Ik ben, was haar antwoord, Crisje; En jy zoudt verheugd zyn, wisje

Wat ik je vereeren wou.

Onbekent maakt onbemint, Zei ik toen: Ei, ga wat zitten, 'k Was daar juist wat druk aan 't witten,

Zie dat was de reden, kind,

Dat je my wat geemlyk vond. Maar ben jy 't ? wie kon dat denken! Kom, 'k zal jou wat kofFy fchenken:

'k Praatte zo wat daar ik ftond.

Zy

Sluiten