Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ï3S P' Jt ? ï D I L S T E Si

„ Dat ons grootjen, aan de fles, „ Eens ter degen heeft gerooken, „ En misfchien eens aangefprooken;

„ 'k Zag haar lang voor hallef zes".

Naauwlyks flond haar mond wat ftil, Of een van haar goêbekenden, Wyl zy 't oog naar buiten wende,

Brengt alweer wat nieuws in til.

Een Koksjongen met een Rib, Allerkeurelykft gebraden, Ging voorby: ,, ik kan wel raden,

„ Waar die zyn moet"; fprak de fnib.

„ Mie, het derde huis daar naaft, „ By Riket, de Salemaker; „ 't Is daar volop; en de Baker „ Maakt met heen gaan niet veel haaft. J 1 « » 't ïs

Sluiten