Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 400 )

Wij offerden daar aan onze vermogens volvaardig op, en 't zal ons de grootfte vreugde op aarde zijn, dezelve' ten uwen dienfte te mogen verteeren.

Dikwerf baden we onzen God — dat Hij onze vermogens ten zijnen dienfte bewaren wilde, eu dat die dag, welke een einde daar van zoude maaken, ook den kring mogte fluiten van ons leven; Hij . die onze bede ver¬

hoord en ons kragten gegeven heeft tot dezen dag, zij daar voor de eere in alle eeuwigheid !

Het behaagde ook onzen God, dit werk met eenen ruiisen zegen te bekroonen. De brieven, welken wij ontvangen hebben , gaven ons daar van de fterkfte verzekeringen.

Wel is waar, wij zijn in fommige brieven gehoond en óp de laagfte wijze te onbezonnen bejegend. > Doch wij, die onzen grooten Meester door Godiijke onderfteuning .trachtten naar te volgen, hebben nog voor dezen'kunnen bidden: Heere, reken het hun niet toe, want zij weten niet, wat zij doen !

Wij hebben dan de fterkfte drangrede , om in dit ons werk lustig, rustig te volharden.

De Lezer bedekke het gebrekkige, en geve voor het goed, dat hij door ons gefchrijf ontvangen mogte, Gode de Dankzegging!

Ook dit Deel, Drieëenig Verbondsgod! leggen wij biddende voor uwe voeten neder! Dat uwe zegen op het

zelve ruste en daar door uwe heerlijkheid aan uwe

kinderen gezien wordel

Te Amfterdam, bij M. de B RUIJN, in de Warmoesiüaat.

Sluiten