Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 46 )

De beste Christen dan zorgt niet voor rampen, die hem

morgen, overmorgen, in het vervol? kunnen treffen.

Neen! hij heeft aan de onaangenaamheden van eiken dag genoeg. — Hij bemoeit zich dan met het volgende niet. Het zal tijds genoeg zijn, wanneer die tijd daar is, als dan zal hij zorgen. Met een woord, — die Christen betracht de les van jesus.

Maar waarom doet hij dat? Dat doet Hij ook uit eerbied voor jesus bevel. Die lesfen bevatten niets, dan heil. Al ware het dan, dat hij dat heil daar in, door zijne onkunde, niet aanflonds ontdekken kon, zou hij zich evenwel als een gehoorzaam navolger van christus gedragen. Ondertusfchen is dit hier het geval niet. Hij doorgrondt wel degelijk het heil, 't welk met de betrachting van dien pligt gepaard gaat.

Want de ondervinding doet hem zien en heeft hem geleerd, dat die menfchen, welken door zulke ijdele en dwaze zorgen zich laten folteren, het aangename van het leven niet kennen , — hunne dagen zuchtende flijten, - voorden tyd verouden, — weg kwijnen — met een woord, dat hun leven geen leven is. — In het tegendeel hij geniet hetgenoegelijkst, het aangenaamst leven , zijne ziel is doorgaans opgeruimd , daar hij alle zorg aan God opdraagt. En zou hij dan een' pligt, welke hem het leven zoo heuchelijk maakt, niet bij aanhoudenheid betrachten? Zou die hem niet boven alles dierbaar zijn? Om het heil dan, 't welk uit de beöeffening van dezen pligt voordfpruit , en het rampzalige , 't welk het verwaarloozen van denzelven na zich (leept, gehoorfaamt hij aan deze les van zijnen jesus.

Ten derde \— hij is enkele bereidwilligheid om dezen pligt te betrachten, dewijl hij geen grotere dwaasheid kent, dan die veroordeelde zorgen. Wat toch kan de fcherpzinnigfte Wijsgeer zelve met al zulk zorgen vorderen ? Niets hoegenaamd! Het gaat toch zijn bereik, ■ zijn vooruitzigt, zijn vermogen te boven. — Welk nut brengt het hem aan , wanneer hij zich te fcheep begevende angstvallig vooruitloopt en zich bekommert, of hij niet zal vergaan? Met al die zorg, al dien angst kan hij niet eene enkele golf verminderen. Dierhalven hij is zoo verflandeloos niet, dat hij zijne ziel zou afmatten met het geene hem geen nut, hoe genaamd, aanbrengen kan.

Wat! Hij haat dat zorgen om dat het hem zoo veel onheil baart. Niet alleen, gelijk wij reeds opmerkten,

om

Sluiten