Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C «06 )

wittige, dat in veele gemeenten op het platte land geen philadelphüs bekend zij en op die wijze over de Kerk tn de Sacramenten gepredikt wordt, als of philadelphüs nöoit gefchreven hadde. — Wij , die geleerden en ongeleerden trachten ten nutte te zijn, zullen de gevoelens van den gemeklen philadelphüs het algemeen meer doen kennen, en ten dien einde, volgends zijne en onze denkbeelden , een betoog geven over de geöorloofdheid van deti Doop der Kinderen.

Men heeft niet te onrecht veele Belijders van den zogejiaamden Hervormden Godsdienst befchuldigd , dat hunne bewijzen voor den Kinderdoop ongenoegzaam , en altans

voor Doordenkers niet overredende waren. Sommigen.

van hun, die dit zagen en gevoelden, dorden het fchoo!ftelfel niet verlaten , en met eene andere leiding van gedachten te yootfchijn treden. — 'Er waren toch onder hen ten allen tijde Hierarchen, die wel door Kettermaaken de Kerk beroerd en benadeeld , maar nooit door eigen vlijt verlicht, gedicht, en opgebouwd hebben, — dan de weiuitgeruste philadelphüs treedt onverfchrokken te voorfchijn, hij toont de dwaalingen zijner medebroederen, wijst hun het oud verlaten fpoor, en brengt ze, zonder omzien, edelmoedig te recht. — De volgende redening, waar in wij zijn voetfpoor volgen, drekke hier van ten bewijze.

Om over den Doop der Kinderen, volgends de Hervormde leer, -te oordeelen , dient men vooraf te weten , wat de Catechismus of formulieren door het woord Verbond — wat door de algemeene Kerk en wat door de Sacramenten verdaan

Sommige Leeraars hebben hunne eigen vindingen in de plaats van dezen gedeld , en daar door het gevoelen der Hervormden over den Kinderdoop zeer onaanneemlijk gemaakt.

Zij verdaan door dit verbond , of genadeverbond: een overeenkomst of verdrag tusfchen den Driegenen God en den van eeuwigheid tot zaligheid uitverkooren zondaar; waar bij God dien zondaar, op christus verdienden, de vergeving der zonden en het eeuwig leven geeft, en welke weldaa» den de uitverkooren zondaar, daar toe door den H. Geest bewrocht, door een oprecht geloof toeftemt , aanneemt en

met een dankbaar leven bekragtigt. Volgends deze be-

fchrij-

(*) Verg. No. ao. van het I. Deel.

Sluiten