Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 149 )

„ wien ik ze beveele. Ik heb den goeden iirijd geftreden, j, ik heb het geloof* behouden!"

In dit vertrouwen ontving hij den laatften flag. — Zoo ftortte dan die hemelhooge Ceder van het geestelijk Libanon die boom, onder welkers takken geheel Azie zich

verlustigde, werdt dus van den oever des Tibers in het Paradijs verplant, om geen vruchten van gerechtigheid maar van glorie te dragen. —— Daar legt nu dat hoofd, de zetel van zoo veel godlijke gedachten en hoogheerlijke befpiegelin-

gen i Spraakloos ligt de tong, die een halve wereld door

prediken alléén kon nichten! — Verftijft ligt de hand, die

de vlugge pen voerde tot een reeks van brieven de

hand, die wonderen werkte, en waar van adders onbefchadigd afvielen! De zon, met één woord, die de heidenfche wereld verlichtte, zonk dus in dien zwarten nagt, om in een* nieuwen dag ruim zoo heerlijk te verrijzen, als ze te Rome bloedig onderging.

ik. Uwe verbeeldingskragt, blank hart! is nog fterk in uw' hoogen ouderdom , en dat in een zwak lichaam.

blankhart. Als ik van de hemelfche dingen fpreke, dan fchijn ik te verjongen, dan leeft mijne ziel — dan gevoel ik geene zwakheid — en als ik met zulk eene vrolijke ziel mag fterven — ó Vriend ! kom dan aan mijn fterfbed dan zult gij in mijn fterven zien, dat fterven voor den Christen gewin is.

ut. Gaarn zoude ik u zien vertrekken en uwen laatften zegen ontvangen.

blankhart. Hoor, mijn Vriend , als mijne kinderen hier b'j mij zitten, en zo zeggen: Vader! och mogt de goede God u nog wat bij ons laten ! — dan zeg ik wel eens: lieve kinders! uw vader wordt zwak, is afgeleefd en verlangt om bij uw moeder in het graf te rusten —— hoort kinders! haast zult gij vader blamkhart daar op het fterfbed zien leggen — maar dan , ö dan zal uw vader met vreugde van u fcheiden. — Dan moet ge niet om mij weenen, lieve kinders! — neen, laat ik u eens zeggen, hoe of het dan met mij zal wezen. — Daar zal ik leggen met een kragt- en zin-loos lichaam, doch mijne ziel zal vol zijn

van hemelfche gedachten. Gij zult met uwe kinderen

om mij weenen, doch ik zal juichen op het gevoel van die

vreugde, die ik dan zo zo volmaakt genieten zal. ■

Hoort kinders! als gij mijne oogen fluit, denkt dan , mijn Vader is reeds in den hemel —— daar kent, daar lieft, daar dient hij God volmaakt ■ daar zingt hij reeds met de engelen; daar is hij bij mijne moeder; en daar wachten onT 3 ze

Sluiten