Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C i<ï8 )

verblijde. — Dat wij ons in de blijdfte boodfehap onuitfprekeliik verheugen. — Dat wij onze vreugde, door de plegtigile aanbidding, door de vrolijkfte Lofzangen bekend maaken. — Alle onze gefprekken, alle onze daaden moeten bewijzen, dat wij ons' in God en jesus verheugen. — Dit moet onze roem zijn: „mj zijn Verlosten des Heeren, onderdaanen van Koning jesus , en kinderen van. zijnen Vader!"

Dat we in dien jesus ons verheugen en voor Hem

fpreken, zoo lang we ademen. . Ook ons roept een

hemelsch Gezant toe: vreest niet, jesus is voor U «e-

boren! Hij is uw Koning, uw Befchermer! Wefke

verzoekingen, rampen, aanvallen ons om de zaak van jesus treffen, dat we ftaan in de kragt van Hem, die voor ons geboren is, en die voor ons zit aan de rechtehand zijns Vaders! — Gevoelen wij niet, ten allen tijde, die vreugde, die er m het euiingelie voor ons is; de bood. fchap blijft toch dezelve, haar grond blijft eeuwig, haare uitwerkzelen honden nimmer op; in de eeuwigheid zal het ons loflied zijn: jesus is voor ons geboren!

Spoed aan, o heuchelijkfte aller dagen! Waa.- op de Christen zal gewaagen

Van leven, heil en zaligheid,

Die door uw komst ons wierdt geboren. .

Het ruim van Neêrlands Tempel - choorea

Weêrgalmt ftraks jesus majefteit.

Ook ik zal juichend henen treden , Daar 't geurig wierook der gebeden

Van mijne hand ten hemel (tijgt; Ook ik zal met godvruchte zielen Voor u, mijn jesus! dankend knielen:

Gij wilt niet, dat een Christen zwijgt.

T« Amfterdam, bij M. de BRUIJN, in de Warmoesftrast.

Sluiten