Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C Sfo )

beneden de beesten, en zijn bronwellen van bitterheid in \ b innende van hem. — Almagtig Schepper! heeft dan uw wonderhand het beeld der eëiiwighëld , mee zulke onuitwischbarc trekken, re vergeefs in mijne ziel gegraveerd? ik beken; gij zijt , mij aardworm, niets verfchuldigd ; en ik vermag nimmer met u re twisten , als gij mij alzoo gefchapen hadt; maar daar gij de Alwijze zijt, zo durft uwYchepfel, ter eere van uwe godlijke volkomenheden, vertrouwen: dat de bèftemmirig van mijne natuur geëvenredigd moet zijn aan mijne wenfehen. Ik ben gerust, de eeuwigheid opent de deur voor mijne kbgten. Engelen begeerten zullen in het toekomende verzadigd worden. Dit gevoel ik, en wat wilt ge fterker ? mijne verwachting is zeker — ik ben voor eene eeuwigheid!

Van deze waarheid word ik nog al fterker verzekerd, be-

fchouw ik mij zelve als een redenmngtig fchepfel. -

Welke groote vermogens heeft mijne ziel ! zij kan den Schepper leeren kennen uit zijne werken, Zij kan geduurig, ja in

alle eeuwigheden , in kennis toenemen maar eer de

mensch hier de kleuren en naamen der werken van 't groot ]ieel-al kan opnoemen, derft hij. —r Verheven fchepfel ( Hoe kan uwe befchouwing mijne ziel verrukken I Waarlijk gij zijt tot verhevener einden gefenapen, dan om in den kolk van het Niet weg te zinken. Of is hij met zulke vermogens en begaafdheden voorzien, om goederen te vergaderen voor de genen, die hij niet kent? om te eeten, te drinken en zijn vermaak te nemen V om iet van de IJdelheid der aarde te proeven , een kleine wijl tijds te zuchten, te >\eenen, fommige vertooningen van zorgen en dwaasheden te aanfehouwen, en dan weg te gaan, om niet meer te zijn? wat!.... heeft hij, om zulke beuzelagtige redenen , die' uitmuntende vermogens? — waar toe dit prachtig heelal gewrocht, met zo véél fehoonheid en luisters voorzien, en met die heerlijke lichten omringd? Is het, om die wonderen te befchouwen, en dan voor altijd te verdwijnen? Is het, op dat de mensch, door zijne vermogens, onder alle die wonderlikken, zich zelve zoude ontdekken, als het wonrierftuk van ellende? Is het., om voor zich zeiven te fchrikken, en om zijn - beltaanlijkheid weg te weenen tot het Niet ? Ougefehikte wereld! Groote vertooning zonder oogmerk! Ongelukkige bewooner! Magtige vermogens tot een veragtebjk einde! Toneel van ellen ie en verwarring! Wederfpreuk van ■w-zeiven! Zagt... werwaard voert mij de drift neen? Een wijze Ma&ker heeft geen vergeeflche krachten aan onze natuur,

Sluiten