Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 183 )

kunt gij gezaligd worden. Hier na zal 'er geen tijd zijn f —* En gij deugdzame Ouden! Befteedtuwe overige oogenblikken aau de edelfte pligten. Houdt u gereed, om op die roepftem, vertrek! aanftonds geraoedigd te volgen. — De God van uwe jeugd en van uwen ouderdom zal u niet begeven , nu de grijzigheid daar is, hij zal u geleiden tot en door het doodsdal; en zo zult gij ondervinden, dat u mets zal kunnen fcheiden van de liefde Gods,welke is in chrisuus jesus onzen Heere. — Zo lang gij hier zijt, moet ee t«t leiding en beftuuring van uwe natuurgenooten zijn. Verkondigt dezen geflagte Gods arm, allen nakomelingen zijne magt. Vertelt aan kinderen en kindskinderen, wat de Heere aan uwe zielen gedaan heeft; menigmaal zult gij onder dit verhaal in verwondering wegzinken en met david uitroepen: Gij, ö Heere, mijn God! hebt uwe wonderen en uwe gedachten aan ons veele gemaakt; men kan ze niet ui órde 'bij u verhaalen: zal ik ze verkondigen en ze uitlpreken zo zijn ze menigvuldiger dan dat ik ze zoude kunnen verte'llen (*). Mogelijk teelt ge, als paulus, in uwen ouden dag een onesimus (t) en wat zou dat groot lifnl Leert de jongelingen en jonge dochters, de mannen en de vrouwen , welk eenen troost, welk eene zaligheid een goed geweten en de herdenking van een welbefteed leven den mensch verfchaffen , en wanneer gij hen door uwen wandel deugdzaam en Christelijk hebt leeren leeven , leert hen dan ook den loon der deugd gerustelijk verwachten en den dood onverfchrokken te gemoete treden.

Zijt ge voor eene eeuwigheid, dan moeten geen rampen a te rug houden op uwe reis derwaards.. — Dit allesverzo»tend denkbeeld, ik ben voor eene eeuwigheid! doet de Christen over doornen en distelen rustig lustig heenenftappen Of zoudet ge over de ongemakken van eenen korten wes treurig zijn, die u geleid naar uw Vaderland, tot het rijk van licht en waarheid, alwaar gij , in de nadere aanfchouwing en genieting van uw' Maaker, uw hoogfte goed en vreugd, alle jammeren vergeten zult? — Neen, mijne Reisgenooten ! het lijden van dezen tegenwoordigen tijd is niet te waardeeren bij de heerlijkheid, die ons daar zal «openbaard worden. — Misfchien zullen u ook m dit jaar veele wederwaardigheden treffen, maar met dat denkbeeld, ik ben voor eene eeuwigheid! zult gij alle rampen trotleren, en over alles zegevieren. — God, die met u is, is

(*) Pf. XL: é. (t5 F'tUtn* Vs. 9, 10.

Sluiten