Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V

C ïpi )

dfn zijn, indien men meer op het verband gelet, dan öp' onee vronde gisfingen gebouwd had,

Wij zouden nog het een en ander hier over aanmerken, indien het niet nodiger ware eene omftandigheid optehelderen, welke in de laatfte gefchiedenis van saul en david bedenking kan baren. —Wij lezen toch daar ter plaatlè:sAUL ging daar in om zijne voeten te dekken : d a v i d nu en zij •

pe mannen zaten aan de zijden der fpelonke. Dit fchijnt

aan te duiden, dat david aan den een of anderen kant van de fpelonk was. Maar rijzen deze vraagen dan niet op: is 'er niemand van saul's leger rondom die fpelonk gegaan? Hoe kon david 'er injluipen zonder gezien te worden?

Hoe kon hij weten, dat saul 'er in was ? dat die

zou flapen — geen gerucht zou maaken 1 — Alle die bedenkingen verdwijnen, wanneer wij onder het oog houden, dat 'er eigentlijk ftaat, dat david in de fpelonk was en wel in de uiterfle diepte, gelijk MICHaö'lis ook op die wijs (*) vertaalt! Dat 'er zulke holen of fpelonken zijn, waar in david met al zijne mannen, zonder nog eens gezien te worden, vezen kon, heeft pococke, een ooggetuige, beflist, gelijk bij daar toe ook door de Geleerden alhier wordt

aangehaald, (j) — Hoe naturelijk is nu alles! Die in

de fpelonk komt, kan niet zien, wat 'er achter in is. Maar' die achter in is, kan zien, wat 'er in de opening of vooraan gebeurt; David kon dierhaiven zien , dat saul 'er in kwam en zich tot flapen nederlag. Hoe gemakkelijk viel heé hem ook zoo, om die Hippe van het overkleed af te fnijden ! —

Wat levert ons deze gebeurtenis, op zulk eene wijs'btv

grepen, niet een zonderling, - een treffend bewijs op

van de wondere voorzorg en bewaaring Gods, welke d avid genoot. — Hoe zalig dan zulken God tot zijne hulp te hebben! ——

C') tig im Innerflen der Hohle ober war David mit feinem Leuter W r.g. a mich. & SCUtl LZIO.

Te Amfterdam, bij M. de BRUIJN, in de Warmoesfbatt,

Sluiten