Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 350 )

abraham, tot welken petrus vs. 39. gezegd hadde, a komt de belofte toe en uwen kinderen ; (*) en onder dezen zouden allerlei ouderdornmen , (taaien , rangen in die gaven des Geestes deelen. — Geven zich de jongelingen zeldzaam over aan afgetrokken denkbeelden , zo zoude de Geest hun zijne verborgenheden ontdekken onder uiterlijke vertooningen van gezichten , en dus overeenkomende hunne getteldheden en jaaren , als die het meest door de zinnen geregeerd worden. De droomen bepaalt hij tot de ouden, wederom overeenkomftig hunne gefteldheid; ftaitende nogthands hier de mannen van eenen middelbaaren ouderdom niet uit; dezen toch waren reeds onder de zoonen begrepen. Waar uit wij dan ten duider lijklle bemerken, hoe de Geest juist de zodanigen noemt, van welken men het weinigst kon verwachten , en die te minder bekwaam feheenen ter onderzoeking van de verhevenlte waaiheden,' ten einde de kragt der Godlijke genade , door dezen, des te fterker zoude doordraaien. —Ja die wilde hij zelfs- door dienstknechten en dienstmaagden verheerlijken? zijnde hier menfchen van den laaglten rang, doorgaands zeer veratt; 't zij het verarmde Joden, of uit Heidenen onder de Joden verkocht, of uit lijfeigenen tot flaaven en flavinnen geboren waren. Dezen zoude de Heere, in de mededeeling van zijnen Geest, zoo min voorbijgaan a's hunne Zoonen en Dochteren ; zij zouden zoo min van die genade worden uitgefloten als hunne Heeren en Vrouwen; en daarom bemoedigt paulus hier mede de Corinthers , zeggende : die in den Heere geroepen is •, een dienstknecht zijnde , die is ten vrijgelaten des Heeren ; desgelijks ooi die vrij zijnde geroepen is , die is een dienstknecht van Christus (f).

Door dit profeteren , gezigten zien en dat droomen droomen beloott God zoo wel buitengewoone als gewoone

gaven. De zoonen en dochteren zouden profeteeren;

fommigen zou de Geest met eene buirengewoone kennis verrijken , om der Kerk toekomende dingen te voorfpellen; fommigen zou hij op eene gewoone wijze doen profeteeren ; zij zouden anderen onderwijzen in de verborgenheden des geloofs. —— Jongelingen zouden gezigten

zien,

CO Verg. Jef. LIV: t. Ct) 1 Cor. VII; 22.

Sluiten