Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

138 Christocratie, of de Heerlijkheid

Middelaars, eenige verandering of vermindering, aan de heerlijkheid des Vaders, opzigtelijs zijn bewind en regeering over alles kan toebrengen.

Wat betreft uwe tweede bedenking. Hoa Christus kan geagt worden naar zijne menfchelijke natuur heerfchappij over alles te hebben , daar nochthans die natuur plaatfelijk in den Hemel is, en geenszins eenige Godlijke eigenfchappen van alomtegenwoordigheid, almagt, alweetenheid en dergelijke zijn, of konnen zijn medegedeeld? Hier op diend. 1. Dat, offchoon de menfchelijke natuur van Christus geene Godlijke eigenfchappen bezit, welke tot de heerfchappij over alles nodig zijn , nochthans zijn het de eigenfchappen van dien Perfoon, in Welken zij beflaat, en met Welken zij op het allemaauwfte verecnigt is, en gevolgelijk deelt ze naar haare vatbaarheid in de heerlijkheid en 't bewind van dien Perfoon, met Welken zij dus vereenigt is. 2 Wij hebben gezien, dat Christus als Middelaar gezalfd is met den Heiligen Geest. Die Geest nu mede waarachtig en eeuwig God zijnde, en in 't Godlijk Wezen beftaande, en werkende van den Vader en van den Zoon is dezelfde Geest, die in Hem woont cn werkt, aangemerkt als Middelaar. Deezen nu heef Hij belooft, dat na zijne Verhooging zijne lighaamelijke tegenwoordigheid vervangen cn vervullen zou, en gelijk Hij door dien Geest vóór zijne menschwording alle dingen in Hemel en op Aarde geregert en beïtuurt heeft. Zoo doed Hij dit nu ook nog na zijne Verhooging, terwijl Hij als Heer en Hoofd der heilige Engelen , ook in die regeering en befiuuring van hunnen dienst mede gebruik mankt.

U we

Sluiten