Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

140 Christocratie. of de Heerlijkheid

fchepfelen te regceren : (a~) Terwijl de geheele aaide met alle haare volheid ons in Hem tot eene erfbezitting is toegtfchikt. {[h)

3. Intusschen nu dat wij in den daat onzer beproeving tot deeze erffenis voorbereid worden, heeft onze Borg, in de hoedaanigheid van den Tweeden Adam , bij zijne luisterrijke Verhooging, deeze erffenis voor ons aanvaard, om ze te beduuren niet alleen tot heerlijkheid Gods , maar ook ten onzen nutte, en tot ons meeste heil (cj. Wat dunkt u? levert het dan geen nut en waaren troost op voor een' waaren geloovigen , als hij gedrukt onder de rampen en wederwaardigheden van dit jammervolle leven, 't welk om der zonden wil aan de ijdelheid onderworpen is, door 't geloof het hoofd mag opheffen, en zeggen: mijn Heiland, die mij zoo lief had, dat Hij zich voor mij in den dood heeft overgegeeven, en alle moeiten en verdrukkingen van dit rarnpfpoedig leven, ook om mijnen wille heeft doorgedaan , en dus bij eigen ondervinding weet medelijden te hebben met onze zwakheden, Deeze zal dan ook gewislelijk als vleesch van ons vteescn en been van onze becnen zijnde , alles ons ten besten duuren, en wel te meer, nadien God door zijne groote liefde, ons ter ónderftéuning en aanmoediging van ons geloof cn vertrouwen heeft aanbevoolen, om op Hem in alle onze lotgevallen ons vertrouwen te dellen, als niet alleen God, maar ook onze oudde Broeder zijnde. Ziet eens, hoe recht kragtig dit uitgedrukt en in 't geloof bekeer) Katecb. lrr. 3;.

fi) Psalm XXXVII: 29. I Cor. III: i\—13. (f) Kern. VIII: 28.

Sluiten