Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

198 De Heerlijkheid yan Christus, als

delen, of werktuigen, en Hij kan het ook door zich zeiven doen op eene meer onmiddelijke wijze.

Laat mij vraagen, kan Christus niet de raderen der geheele Natuur in derzelver loop ophouden, en 't Koningrijk der Voorzienigheid befiuuren door invloeden, ontleend van zijne inwoonende Godheid ? Kan Hij zijne Heerfchappij niet uitocffenen onder alle de Hoffelijke Elementen, en de bewooners van de Lucht, Aarde en het Water , even zoo wel als onder de Geesten van de onzichtbare weereld. Zouden Profeten, Apostelen en Ovcriten de vertooning van zulk eene magt hun op Aarde gegeven , bezitten , en zou dan niet Jefus de Zoon van God 't Wezen en de volheid daarvan in zich hebben, zonderling nu in den Hemel? Kon Mozes door middel van zijnen Haf de Roode Zee klieven, en water doen Hroomen uit eenen Rotsfteen ? Kon Jofua zeggen tot de Zon, ftaat ft 11, en tot de Maan gaat niet onder? Kon Paulus de Koorts en Waterzucht verdrijven op zijn bevel, en door middel van zijn zweet of gordeldoeken Ca9? Kon Petrus ziekten geneezen enkel door middel van zijne fchaduwe. (£) En Tabltha beveclen uit den dood te verrijzen? En zullen wij dan niet onderllellen , dat de Mensch Christus Jefus in zijnen Verhoogden Staat, met alle de Magt en Heerlijkheid bekleed is, die uit de verëeniging met , en inwooning van zijne Godheid voortvloeid. ik zeg, zullen wij Hem niet in Haat •jchten, om alles in de natuur te regelen naar

Zijn

O) llkni. XIX: is, (*5 H*nd. V: j$.

Sluiten